Visie en kustlijnbeheer


In 1990 is door de Rijksoverheid de Basiskustlijn (BKL) vastgesteld. Op Terschelling loopt deze op de Boschplaat tot aan Paal 26. Op hoofdlijnen betekent dit dat de BKL tot Paal 26 wordt gehandhaafd. Ten oosten daarvan worden de ontwikkelingen overgelaten aan natuurlijke processen. Hier zijn veiligheidsproblemen voor de mens niet aan de orde. In het Provinciaal Overlegorgaan Kust (POK) zijn – in de jaren 90 – bestuurlijke afspraken gemaakt tussen Provincie Fryslân, Rijkswaterstaat en de Gemeente Terschelling over het beheer van de kust. Bij een overschreiding van de BKL maakt Rijkswaterstaat de afweging om wel of niet een zandsuppletie uit te voeren. Bij die afweging wordt dan ook gekeken naar de effecten op natuur, de N2000-doelstellingen, landschap en cultuurhistorie.

Onze toekomstvisie voorziet in enkele duidelijke, maar mogelijk moeilijk verenigbare leidende principes als het gaat om kustlijnbeheer. Rijkswaterstaat voert regelmatige metingen en observaties uit om de ontwikkelingen van de kust op de voet te volgen. De ontwikkelingen zijn echter onzeker. Voor de ontwikkeling van de kustlijn van de Boschplaat zijn drie scenario’s denkbaar:

  1. Het volgen van het principe van dat natuurlijke processen leidend zijn, waarbij er binnen afzienbare tijd (10 – 15 jaar) zicht is op een kentering van de huidige erosie. Na een stabilisatiefase zou er dan weer sprake zijn van aangroei van de eilandstaart. Met in het verlengde daarvan nieuwe ontwikkelkansen voor pionierskwelders.
  1. Het volgen van de natuurlijk processen bij aanhoudende erosie. De Boschplaat wordt dan korter dan ooit, met een aanzienlijk verlies van grond- en natuurareaal (duinen en kwelders). Ook het ontstaan van een nieuwe Koffieboonplaat in het Amelandergat behoort dan wellicht tot de mogelijke ontwikkelingen.
  1. Het behouden van een complete eilandstaart. Grenzen stellen aan de kustafslag en behoud van een minimum oppervlakte van verschillende habitattypen. In dit geval mag de Boschplaat niet veel korter worden dan hij ooit was. Hierbij hanteren we de grens van de Boschplaat van rond 1700. Dit is de oudst bekende omvang van het gebied. Deze grens komt ongeveer overeen met het handhaven van de huidige BKL. Regelmatige suppletie van enkele miljoenen kubieke meters zand is dan aan de orde.

Op het eiland maakt men zich zorgen over de voortdurende kustafslag en de onduidelijkheid over het moment van ingrijpen door beheerders. Een brede roep om direct in te grijpen lijkt er echter niet te zijn. Onze voorkeur gaat uit naar het volgen van de natuurlijke processen. Echter, als blijkt dat de afslag door dreigt te gaan tot voorbij de grens van 1700/BKL paal 26 is ingrijpen gewenst om minimale aanwezigheid van de gewenste vogelsoorten en habitattypen te garanderen.

ZEKERHEID VOOR NATUUR. Om de natuurdoelen uit deze visie te behalen is het noodzakelijk de huidige beheerafspraken tussen Rijkswaterstaat, Provincie Fryslân, Gemeente Terschelling en Staatsbosbeheer concreet in te vullen. In plaats van de huidige afweging tot ingrijpen dient er een toezegging tot een zandsuppletie te worden opgenomen in het beleid, zolang dit past binnen acceptabele maatschappelijke en technische randvoorwaarden. Voor het behoud van de minimum oppervlakte van de Boschplaat dient pro-actief geacteerd te worden: ingrijpen voordat de grens overschreden wordt.